Als uit een vruchtwater onderzoek blijkt dat het toekomstige kind geboren zal worden met het Syndroom van Down dan besluit negentig procent van de vrouwen tot een abortus. Dat stond onlangs in een tijdschrift. Een overweldigend percentage en rationeel gezien een logisch besluit, want het vraagt heel veel van de ouders om een geestelijk en of lichamelijk gehandicapt kind op te voeden. De ouders moeten al hun liefde aan het kind geven en hun leven wordt voor een groot deel door de gezondheid het kind bepaald.
Nu is de medische wetenschap zover dat ze met een relatief eenvoudige bloedtest uit kan zoeken of het toekomstige kind eventueel het syndroom van Down heeft. Een aansluitend vruchtwateronderzoek, dat echter niet geheel zonder risico's is, geeft dan definitief uitsluitsel. Omdat het testen zo eenvoudig is geworden, heeft de gezondheidsraad een paar jaar geleden geadviseerd alle zwangere vrouwen deze bloedtest aan te bieden, opdat de ouders in ieder geval de mogelijkheid hebben om te kiezen.
Het is echter de vraag of de leden van de gezondheidsraad de vergaande consequenties van dit besluit hebben overzien. Immers, nu blijkt dat negentig procent van de vrouwen die weten dat ze een kind met het Downsyndroom krijgen al besluiten tot abortus. Als in de nabije toekomst iedere zwangere vrouw standaard deze test kan laten doen, zal dat percentage naar alle waarschijnlijkheid nog groter worden, want wie kiest er nu voor een dergelijk gehandicapt kind?
Dit standpunt van de raad maakt bovendien de weg vrij voor het laten testen op allerlei andere erfelijke ziekten. Een DNA test zet de ouders zo steeds vaker voor de keuze van het wel of niet "nemen" van het kind. En dankzij de recente ontwikkelingen in het menselijk DNA onderzoek wordt het steeds makkelijker erfelijke ziekten op te sporen. Er zijn al DNA testen ontwikkeld, of in ontwikkeling die in een keer op vele ziekten tegelijk screnen. Het lijkt daarom logisch dat er in de toekomst ook steeds meer erfelijke ziekten bij het toekomstige kind ontdekt zullen worden.
Als ouders weet je dan bijvoorbeeld lang van tevoren dat je kind de kans loopt een stofwisselings-ziekte te krijgen waardoor het een of ander dieet zal moeten volgen. Het wordt veel erger als je weet dat het kind aan een spierdystrofie zal gaan lijden en er als twintig- of dertigjarige aan zal overlijden. Dat is een enorme psychische belasting en wie durft zo'n beslissing nog aan?
Er worden regelmatig nieuwe erfelijke factoren ontdekt en aan de andere kant is de kans dus groot dat, als er eenmaal testen zijn, er naar steeds meer mogelijke erfelijke ziekten van het toekomstige kind zal worden gezocht. Puur rationeel gezien zal de bevolking daardoor alleen maar gezonder kunnen worden, want er verdwijnen allerlei erfelijke ziekten. Bijkomend voordeel is dat het de gezondheids-zorg heel veel geld bespaart. Een goede zaak dus, want daar gaat al zoveel geld naar toe.
Helaas opent het testen op erfelijke ziekten ook de weg voor nare en moeilijke - ethische - beslissingen. Bijvoorbeeld het wel of niet kiezen voor een kind met spierdystrofie dat daaraan zal overlijden. De ziektekostenverzekeraars zullen zich waarschijnlijk er ook mee gaan bemoeien, want die moeten de risico's verzekeren. Als de ouders bewust voor een gehandicapt kind kiezen, zullen ze misschien ook voor de financiële consequenties moeten kiezen. En dat maakt de weg voor een abortus alleen maar breder.
Testen op erfelijke ziekten lijkt een goede zaak, want het is voor het kind óók niet leuk - denken wij - om gehandicapt ter wereld te komen. Maar waar ligt de grens? Wanneer ben je wel of niet gehandicapt? Wat is ziekte? Het is allemaal zo relatief. Je kunt je voorstellen dat op den duur de eisen voor een "gezond" kind steeds strenger kunnen worden. Op dit moment is bijvoorbeeld een kind met diabetes nog wel toegestaan, maar over een aantal jaren misschien niet meer. Want diabetici krijgen als ze ouder worden ook andere gezondheidsproblemen. Bijvoorbeeld aan de ogen, de voeten, de huid. Je kunt je voorstellen dat de toekomstige ouders dan besluiten het kind maar niet te "nemen". Zo zal de wereld van de mensen er vreemd gaan uitzien en krijgen we een superras! Mensen met erfelijke aandoeningen zijn er dan immers niet meer. Dus is er minder zorg nodig, minder hulp aan huis. Kortom een enorme kostenbesparing en een gelukkiger maatschappij. Denken we.
De ouders gelukkig, want die hoeven niet voor een chronisch zieke te zorgen en hebben de handen vrij voor hun eigen dingen. De verzekeraars zijn ook blij, want die hebben al die onvoorziene kosten niet meer. De maatschappij wordt steeds gezonder en zo krijgen we een beeld van een superras dat dankzij onze superieure medische zorg is ontstaan. Kortom, oppervlakkig gezien zijn er alleen maar voordelen!
Dit is precies de wereld die Aldous Huxley lang geleden schetste in zijn boek: "A brave new world". Hij beschreef toen al dat toekomstige genetici en medici samen met de ouders bepalen wat voor een kind ze ter wereld zullen brengen. Wordt het een zeer intelligent kind met twee rechterhanden, of een muzikaal kind omdat de ouders dol op muziek zijn. Een jongetje met blonde haren en blauwe ogen en niet langer dan de ouders, maar wel gespierd en voorzien van een mooi lichaam. Een meisje dat lief en mooi is en verder niet al te veel eisen aan de "hardwerkende" ouders zal stellen. Allemaal wensen die toekomstige ouders kunnen ontwikkelen en waar particuliere klinieken op in zullen spelen, omdat er immers altijd mensen zijn die dit soort dingen kunnen betalen.
Een beetje gezond denkend mens zal de waanzin hiervan inzien. De medici en genetici van het moleculair medisch blok denken echter niet verder dan hun rationele en "wetenschappelijke" standpunt. Het lijkt wel of ze niet anders kunnen, omdat ze alles verstandelijk blijven beredeneren.
Hoe kijken wij hier tegenaan?
Esoterisch gezien is ziekte - ook een erfelijke - het gevolg van karma. Lichaam en geest zijn een onlosmakelijke eenheid en het lichaam laat zien welk chakra niet of wel stroomt, functioneert. Waar de subtiele chakra energieën geblokkeerd zijn en waar niet. Een stofwisselingsziekte bijvoorbeeld duidt aan dat er een verteringsprobleem is. Geestelijke indrukken - dat zijn gedachten en gevoelens naar aanleiding van een ervaring - worden (nog) niet op een harmonische wijze verteerd en het lichaam laat voelen dat dit het geval is. Die ziekte is dan ook geen louter lichamelijk probleem. De vetten stapelen zich niet op, omdat er bepaalde enzymen of systemen ontbreken in de vetcellen. Nee, die mens houdt bepaalde dingen vast en het is belangrijk om te leren zien wàt hij of zij vasthoudt. Daar gaat het om. Zwaarlijvigheid is een signaal aan de mens. Wat voor signaal dat precies is, verschilt van persoon tot persoon. Dat maakt de esoterie zo moeilijk voor de gemiddelde wetenschapper, want die is gewend in algemeenheden te denken. Eén ziekte, één pil.
Elke ziekte heeft een reden en de mens die lijdt, werkt daarmee aan zijn of haar ontwikkeling als mens. Er wordt een stukje karma uitgewerkt door de ziekte te ondergaan. Dat geldt esoterisch gezien voor elke ziekte, ook de erfelijke.
We leren van elkaar door samen te leven. We zijn namelijk spiegels voor elkaar. Ouders krijgen bijvoorbeeld kinderen met eigenschappen die zij zelf ook hebben. Daar kunnen ze dan naar kijken en van leren. Bijvoorbeeld iemand die heel veel liefde kan geven zal een kind kunnen krijgen die dat ook doet. We moeten ook leren wat het is om liefde te geven en daar gaat het juist om bij de zorg voor gehandicapte mensen. Liefde is mededogen, mildheid, vriendelijkheid, respect en acceptatie. Ieder mens mag er zijn zoals hij of zij is, wel of niet gehandicapt.
Voor het syndroom van Down hebben we een andere visie. Kort gezegd komt het erop neer dat een ziel die als mens met een syndroom van Down incarneert, aan de lange weg van het mens-zijn is begonnen. Deze ziel maakt voor het eerst kennis met de energieën van de aarde en begint aan zijn verdere ontwikkeling tot een bewust Scheppend leven. De mensen met het Downsyndroom staan dus nog dicht bij de zielenwereld en dragen de energie van die wereld bij zich. Dat is voelbaar en zichtbaar. Ze hebben echter nog weinig of geen kracht in de verschillende chakras. Het vuurniveau is namelijk nog niet ontwikkeld. Ze zijn begonnen aan hun louteringsproces door te incarneren op aarde. Ze gaan door de vuren van het leven en worden zo een zelfbewust scheppend mens. Omdat het vuurchakra nog niet ontwikkeld is, zijn alle chakras op hun specifieke niveaus krachteloos. Het meest duidelijk is dat bij het denken, want ze zijn niet in staat rationeel te denken. Het vuurniveau in het voorhoofdchakra is nog te krachteloos. Ze kunnen echter wel heel goed voelen, maar ze trekken zich terug als ze het vuur van de ander voelen. Ze kunnen niet anders, want ze kunnen (nog) niet omgaan met dat vuur.
Moge de mensen beseffen dat het leven op aarde bestaat uit ziekte en gezondheid. Dat beide goed zijn. Het lijden bestaat om ons te laten voelen dat we anders kunnen leren leven. Moge vrede, liefde en rechtvaardigheid zegevieren.
Terug naar esoterie