De dag en de nacht

(Inleiding op de yama’s en de niyama’s van Patañali)

Mijn hele leven lang word ik aangetrokken door de levendige energieen die je in een bos kunt ervaren. Telkens weer verbaas ik mij over de levenslessen die ik daar mag ervaren. Morgens heel vroeg, zo rond halfvijf word ik begroet door en symfonie van luidruchtige luchtbewoners. Het biedt mij een gevoel van acceptatie door de natuur. Ik mag zijn wie ik ben.

Al lopend in de vroege morgen vind ik regelmatig resten van kadavers. Zij hebben als voedsel mogen dienen voor landbewoners of eigen soortgenoten die geen genoegen nemen met datgene wat de bomen hun te bieden hebben. Het zijn de vleesverschansers van het dierenrijk. In de dagperiode dat de zon het bos verlicht, word ik meestal enkel verwelkomt door het ruisen van de boombladeren, de vogels die soms hun hoogste lied fluiten of schrikaanjagend krijsen omdat ze zich bewust worden van dreigende gevaren. Af en toe schiet er een haas of konijn voorbij, hopende dat ik als mens niet op de gedachte kom om hem als consumptiemiddel te ervaren.

Bij het ontstaan van de avondschemering ervaar ik een groet die mij laat ervaren dat het tijd begint te worden om een rustplaats voor de nacht te gaan zoeken. In de lucht, de bomen en op de grond hoor ik vele geluiden ten teken dat iedere buitenstaander maar beter van dat plekje weg kan blijven. Ieder levend wezen is op zoek naar zijn nachtverblijf, met uitzondering van de nachtrovers. Deze zie ik sluipend door het bos op zoek naar enkel verdwaald, nog steeds zoekend, onervaren leven. Deze zullen zeer waarschijnlijk ten prooi vallen van deze gevreesde nachtbewoners. Elke dag begint een nieuwe dag met de schemer die is ontstaan doordat de nacht zijn kracht verliest ten voordele van de dag. En elke dag opnieuw zie ik dat de dag zijn krachten laat verorberen door de duisternis van de nacht. Zo af en toe verschijnt de maan met haar volle licht en verlicht het duistere bos. Dan ervaar ik daar een serene rust en stilte. Een groot contrast tussen licht en donker, een groot contrast tussen het leven in het licht en het leven in de duisternis. De blije vrolijke gezangen overdag en de huiveringwekkende stilte van de nacht. Mijn gevoelens laat ik dan vrijwillig contact maken met dat licht en de duisternis. Vaak vraag ik met af: waarom is er licht? Waarom is er duisternis? Waarom zingt een vogel niet in de duisternis? Waarom kiezen de rovers voor de duisternis van de nacht. Ik voel dan dat de rovers van de nacht echte schurken, lafaards zijn. Hoe eenvoudig en geniepig is het om een door de slaap overvallen prooi te bespringen? In het donker zijn deze rovers niet snel op te sporen, ze verstoppen zich voor het licht van de dag. Ze schuwen zelfs het licht, bang om dan zelf ontmaskerd te worden. Mijn gedachten volgen mijn gevoelens en komen op een breekpunt! De nacht is gelijk de duisternis in onszelf, duistere gedachten en gevoelens reageren en handelen evenzo als de rovers van de nacht van het dierenrijk. Maar de nacht (duisternis) kan z’n krachten verliezen door lichtfakkels aan te steken.

Ochtendschemer ontstaat. Gedachten, die bezeten waren door de dierlijke roversinstincten, worden door het licht van de brandende fakkels ontkracht. Als de fakkels maar blijven branden, dan zal het daglicht zich ook aandienen. De vlammen van de aangestoken fakkels zullen hun krachten verenigen en een lichtbol, gelijk de zon, dal de gedachte verlichten met waarheid, simpel omdat alles weer zichtbaar is geworden voor de ziende van dat moment. In het licht ligt de waarheid die ieder mens diep in zich draagt. Het zijn de ondeugden die het zuivere licht verduisteren van schemertoestand naar de diepere, zwarte nacht. Deze ondeugden zijn in schemertoestand nog te herkennen en bij te sturen, maar dan zonder een gekleurde bril op. In ieder mens schuilt het verlangen om eerlijk, waarachtig en vooral vrij te willen zijn van alle ondeugden, maar hoe doe je dat? Hoe worden deze edele normen bereikt?

Vele boeken beschrijven veel kennis, wetenschap. Het grootste en eerlijkste boek ligt in de mens zelf, dit is te vinden in de Liefde. Om dichter bij deze Liefde te komen zijn er een aantal levenswetten die menselijke normen en waarden onderschrijven. Wetende dat deze normen en waarden enkel hun doel zullen kunnen bereiken als de mens puur vanuit een eigen vrije keuze deze normen en waarden zal willen bestuderen en toepassen, kunt u de yama’s en de niyama’s (de eerste en de tweede stap van het achtvoudig yogapad van van Patañjali) bestuderen.

Aan u natuurlijk de vrijheid wat u er vervolgens mee wilt doen.

 

 

terug naar esoterie